
de Volkskrant
1 december 2016 donderdag
Section: Ten Eerste; Blz. 12
 GIJS HERDERSCHEÊ
Highlight: Kostwinner betaalt zes keer zo veel belasting als tweeverdiener (Gert-Jan Segers op het CU-congres)
CU-leider Gert-Jan Segers stond op zijn partijcongres op de bres voor het traditionele gezin. 'Aan het begin van deze kabinetsperiode moest een gezin met één kostwinner twee keer zo veel belasting betalen als tweeverdieners. Nu is dat opgelopen tot zes keer zo veel.' Klopt dat wel? 

De CU wijst op een reeks maatregelen. Zo wordt de overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting (de belastingkorting die iedereen krijgt) al jaren stapsgewijs beperkt. De niet-verdienende partner kan de korting dus steeds minder aan de kostwinner overdragen. Dat werkt in het nadeel van de kostwinner ten opzichte van partners die samen net zo veel verdienen. In 2017 is nog 40 procent van de korting overdraagbaar. Daar gaat jaarlijks 6,66 procent vanaf, tot die overdraagbaarheid in 2023 is afgeschaft. 

Daarnaast is de heffingskorting inkomensafhankelijk gemaakt. De kostwinner die solo 40 duizend euro bruto verdient, krijgt hierdoor minder korting dan partners met ieder 20 duizend euro. Tegelijk zijn, in een poging meer vrouwen naar betaald werk te lokken, de voordelen voor de minst verdienende partner enorm verhoogd. Daardoor betaalt die volgens de CU in 2017 tot een inkomen van 20.650 euro bruto per saldo geen belasting. 

Segers vergelijkt een kostwinner met een bruto jaarinkomen van 40 duizend euro met partners die ieder 20 duizend euro bruto verdienen. In 2009 betaalde de kostwinner 9.896 euro belasting, dit jaar 10.172 euro en volgend jaar 10.325. De partners betaalden in 2009 samen 5.383 euro belasting, dit jaar slechts 1.998 euro en volgend jaar nog maar 1.836 euro. 

Het Nibud, het Nationaal instituut voor budgetvoorlichting, komt tot een vergelijkbare uitkomst. Een kostwinner die bruto twee keer het minimumloon verdient betaalde in 2013 netto 28 procent belasting en dit jaar 27 procent. Partners die ieder het minimumloon verdienen, betaalden in 2013 netto 14 procent en dit jaar 7 procent. Bijna vier keer zo weinig belasting dus. 

Het ministerie van Sociale Zaken wijst op het principiële verschil. Segers kijkt naar belastingen per huishouden terwijl de belastingen individueel geheven worden. 'Werd het inkomen van een getrouwde vrouw in de jaren zestig nog opgeteld bij dat van haar man, nu wordt zij individueel belast. Kijk je naar het individuele inkomen, dan betaalt een kostwinner iets minder belasting dan één tweeverdiener met hetzelfde inkomen. Maar kijk je naar het huishoudinkomen, dan betaalt de kostwinner meer.'
CONCLUSIE
Segers' stelling is waar. Het is de uitkomst van bewust politiek beleid.



